Farao's bedrog en Mozes' verzoek om vrijheid
Ik wil een farao die op de troon zit en een Egyptische jurk draagt naast een oude man en zijn broer maar farao is niet oud 29 En Mozes zeide: Zie, ik ga van u weg, en ik zal den HEERE bidden, opdat de vlooien van Farao, van zijn dienaren, en van zijn volk, morgen weggaan; maar de farao zal niet meer bedriegen, door het volk niet te laten gaan, den HEERE te offeren. 30 En Mozes ging van Farao uit, en smeekte den HEERE. 31 En de HEERE deed, gelijk het woord van Mozes was; en Hij deed de vlooien van Farao, van zijn dienaren, en van zijn volk weggaan; er bleef niet één. 32 En Farao verhardde zijn hart ook deze keer, en hij liet het volk niet gaan.

Ella